Bio

Biografie Jeroen Booy

Drummer Jeroen Booy wordt in 1966 geboren in Oostzaan. Op vierjarige leeftijd is er maar een ding dat hem daadwerkelijk interesseert en dat is de akoestische gitaar van zijn moeder Jantien. Het was deze eerste kennismaking met een instrument die later cruciaal zou blijken voor de rest van zijn leven. Later in Krommenie kwam er nog een instrument in zicht. ‘In het ‘familie-oefenhok’ achter de meubelzaak van mijn oma, stond een drumstel dat werd gebruikt door mijn ooms, die daar samen muziek maakten. Ik zag direct oneindig veel mogelijkheden in het instrument en was totaal verkocht.’

Kak en de Binkies

Samen met schoolvriend en later jazz-coryfee Benjamin Hermans, speelden ze op tienjarige leeftijd de schoolmusical ‘Kak en de Binkies’.  ‘We haalden onze inspiratie uit nummers van Herman Brood, The Jam en luisterden veel naar de radio. Ik probeerde de gitaarriffs uit te zoeken. Het spelen in een bandje sprak me aan.’

Drummen, drummen, drummen

Thuis oefent de jonge Krommenieër ondertussen op een geleend drumstel. Zijn spel is in de wijde omtrek duidelijk hoorbaar. Toetsenist Robbert Jak en bassist Rob Blanchemanche, die op dat moment in de band ‘Zoot’ spelen en naarstig op zoek zijn naar een drummer horen Jeroen oefenen. ‘We zijn gewoon op het lawaai afgegaan, hebben bij zijn huis aangebeld en maakten kennis met Jeroen. Het klikte meteen’, aldus Blanchemanche. Jeroen herinnert zich het nog goed. ‘Ik had een onbedwingbare drang naar het podium. De energie van het live spelen gaf me een enorme kick. Nog steeds. Rond mijn twaalfde verkocht ik mijn zeilboot en van de opbrengst kocht ik direct mijn eerste drumstel. Een 24-inch Roger-kit’.

robertomake.large

Roberto Jacketti & The Scooters

Jeroen ging naar de IVKO in Amsterdam en kwam via Zoot’s toetsenist Robbert Jak in contact met Erik van der Hoff. ‘Erik zat op de Bertrand Russel in Krommenie. Hij zong, speelde gitaar en was tevens bevriend met Blanchemanche.’ Al snel vormde er zich een nieuwe band met saxofonist Barend Middelhof, Blanchemanche op bas, Bart Corver op gitaar en Jak op toetsen. De jonge formatie repeteert in West-Grafdijk in wat ze ‘De Kippenschuur’ noemen. ‘We speelden covers maar gingen al snel aan de slag met eigen werk. Tegen de tijd dat we zover waren ons eerste optreden te doen vroeg een journalist hoe onze band heette. Erik antwoordde; ‘Roberto Jacketti & The Scooters’. Robbert Jak werd namelijk door ons Roberto Jacketti genoemd omdat hij vaak naar Italië op vakantie ging. In die tijd was de scooter daar enorm populair. Vandaar de bandnaam en bovendien klonk het wel lekker.’

Na een jaar in ‘De Kippenschuur’ te hebben geschaafd aan hun repertoire stuurden de Scooters een demo naar ‘Vara’s Popkrant’. De cassette kwam middels vader Jaap Booy, die tourmanager was bij de Dolly Dots, bij Angela Groothuizen terecht die de band uitnodigde een single op te nemen. ‘Hot Summernight’ werd een hit. ‘We waren jong en gretig. Na de release van die single kregen we veel optredens aangeboden in Noord-Holland. In de beginperiode was de Dizzy Mans Band een grote inspiratiebron voor ons. Ze speelden elke tent volledig plat. Zij hadden de muzikale bagage en de show. Dat wilden wij ook.‘

Na het succes van de eerste single namen de Scooters hun debuutalbum ‘Time’ op waarvan ‘I save the Day’, dat oorspronkelijk als B-kant voor een single bedoeld was, voor de grote doorbraak zorgde. ‘Dat nummer begon eigenlijk als een soort grapje, maar werd een enorme hit omdat het werd opgepakt door radio en tv. We wisten niet wat we meemaakten. We speelden plots door heel Nederland en daarbuiten. Door de platenmaatschappij werden er zelfs privévliegtuigen ingehuurd om ons zo snel mogelijk overal naar toe te krijgen. Italië, Rusland, Oost en West-Duitsland, Spanje, België, Turkije… Het was een gekke gewaarwording om als zeventienjarige door heel Europa te spelen.’

Roberto Jacketti & The Scooters werd de eerste Westerse popgroep die een videoclip opnam op het Rode Plein in Moskou. Eind 1984 kreeg de band een Zilveren Harp. In 1985 brengt de band de plaat ‘Oh… Not Again’ uit en in 1987 verschijnt hun derde en laatste lp ‘Madman’. ‘We hebben tot 1989 ontzettend veel plezier gehad, maar toen was het gewoon op.’

Scooters

De Dijk

In 1989 woont de drieëntwintigjarige Jeroen inmiddels in Amsterdam en heeft reeds een glansrijke carrière als beroepsmuzikant achter de rug. De Scooters zijn uit elkaar, spelen doet hij amper. Iets dat aan hem knaagt. ‘Een muzikant moet spelen, zeg ik altijd. Maar in die tijd deed ik dat niet. Mijn moeder was manager van De Dijk en zij zochten op een gegeven moment een ‘backliner’. Ik werd drumroadie voor Antonie Broek en reed de vrachtwagen. Een leuke en leerzame periode, maar ik zat toch liever op het podium dan erachter.’

scene

The Scene

Het is 3 december 1989, Jeroens verjaardag, als zanger/gitarist Thé Lau bij hem voor de deur staat. Thé zoekt een drummer voor zijn band ‘The Scene’. ‘Ik liet hem niet eens binnen. Mijn bovenwoning was namelijk een enorme puinzooi. We stonden wat te praten in de deuropening waar hij mij een cassette gaf met daarop het repertoire van The Scene. Hij vroeg me zo spoedig mogelijk te laten weten of ik interesse had aangezien er optredens gepland stonden in januari. Alsof de duvel ermee speelde raakte ik de cassette een paar dagen later kwijt… Hij glipte per ongeluk uit mijn hand, rechtstreeks de goot in. Ik durfde het niet aan Thé te vertellen.’ Tijdens de eerste ontmoeting en repetitie met bassiste Emilie Blom van Assendelft, toetsenist Otto Cooymans, gitarist Eus van Someren en Thé viel voor Jeroen alles op zijn plek. ‘De vonk was daar. Dit was de band waar ik naar op zoek was. Hier voelde ik mij thuis.’

Blauw en Open

Eind januari 1990 gaat The Scene de studio in voor de opnames van het album ‘Blauw’ dat geproduceerd wordt door zanger Rick de Leeuw van de bevriende band Tröckener Kecks. ‘We wilden het organische geluid en gevoel van de band registeren. Rauw en schurend. We speelden als band alles tegelijk in.’ The Scene krijgt middels ‘Blauw’ vaste voet aan de grond in België en wordt een graag geziene gast op festivals. Studio Brussel blijkt een grote katalysator voor de band. De singles ‘Blauw’ en ‘Iedereen is van de Wereld’ worden in België grote hits en de band speelt o.a. op Torhout Werchter met acts als Sting, The Smashing Pumpkins en doet veel tv en radio optredens. In Nederland blijft het grote succes achterwege, hoewel Parkpop in Den Haag toch langzaam wat deuren opent. ‘We hadden als band slechts één doel, en dat was overwinnen. Of we nou voor 30 of 30.000 mensen speelden; we gaven altijd alles wat we hadden.’ Blauw levert de band in 1991 een Edison op. Een jaar later verschijnt het album ‘Open’ wat eveneens met een Edison bekroond wordt. In 1993 krijgt The Scene de ‘Popprijs’ en wordt de single ‘Iedereen is van de Wereld’ opnieuw uitgeven i.s.m. Artsen zonder Grenzen. Het betekent de definitieve doorbraak voor de band in Nederland.

‘Met Blauw hadden we onze sound gevonden. Met ‘Open’ probeerden we het succes van Blauw te evenaren. We speelden met het mes op tafel. Geen bullshit. Ik heb daar veel van geleerd. Thé was serieus bezig met muziek. We repeteerden en speelden gemiddeld zo’n 150 keer per jaar.’ Na de studioplaat ‘Avenue de la Scene’ verschijnt in 1994 ‘The Scene Live’ en staat de band opnieuw op Parkpop in Den Haag. ‘Omdat we inmiddels een geoliede denderende live-machine waren geworden besloten we een live-cd uit te brengen. Ik ben daar nog steeds tevreden over. Je hoort gewoon dat we een hecht collectief waren. We zaten als band altijd in 1 ruimte. We reisden samen, zaten altijd samen in kleedkamers en gingen samen het podium op. We beschouwden elkaar als familie. Eenmaal op het podium gold maar een ding; De zaal moet plat.’

Arena, Twee meter Sessie, Marlene

Er volgen meer platen en successen. ‘Arena’ (1995), ‘The Scene-Twee meter Sessie’ (1997) en ‘Marlene’ (1998). In 1996 ontvangt de band een ‘Gouden Harp’ voor hun totale oeuvre. Een poging om met The Scene een theatertour te ondernemen wil niet echt van de grond komen. ‘De band speelde hard. We begonnen met ‘kofferbak versterkers’ maar gaandeweg werd alles groter. Grotere podia, een groter PA, meer volume. Ik sloeg dikwijls mijn handen kapot tijdens het spelen om boven het volume uit te komen. Het was soms gekkenwerk. Thé ging solo de theaters in. Eind jaren 90 is de druk op The Scene hoog. Er worden nieuwe nummers verwacht maar door gebrek aan hits wordt er minder gespeeld. ‘Ik vond het verschrikkelijk minder te spelen. We waren altijd een energievolle band. Alles draaide op adrenaline, maar op een gegeven moment was de fut er gewoon uit.’ De band blijft sporadisch optreden maar Thé richt zich meer en meer op een solocarrière. In 2002 geeft hij in een interview met de Telegraaf te kennen te stoppen met The Scene.

Skelter, schoolconcerten, workshops, sessies, Scooters-reünie

In 2000 verhuist Jeroen, inmiddels vader, naar Wormerveer. Er staan minder optredens in de agenda dan hij gewend is. Terug in de Zaanstreek komt hij in contact met gitarist Ruben Hoeke uit Krommenie. Samen richtten ze de band Skelter op waarmee ze in 2003 het album ‘Skelter’ uitbrengen. Hoewel de pers lovend is over de nieuwe band en ze frequent optreden blijft het echte succes uit. In 2004 starten beide Zaankanters een groot aantal jamsessies in Noord-Holland en wordt Jeroen actief in de band van Manuela Kemp en bij The Chedderheadz. Ook de schoolconcerten die hij al tijdens zijn ‘Scooterjaren’ organiseerde pakt hij weer op. ‘Ik was altijd al geïnteresseerd in muzikaal onderwijs. Jongeren laten zien en horen wat er met instrumenten allemaal mogelijk is.’ Jeroen begint muziekworkshops voor jongeren in buurtcentrum Nix te Krommenie. ‘Alles werd normaal gesproken voor me geregeld maar toen ben ik zelf gaan ondernemen. Er is maar 1 ding wat ik kan en wil en dat is met muziek bezig zijn. Ik had tevens twee kleine kinderen. Het was misschien wel even prima een break te nemen van alle hectiek.’

Met Roberto Jacketti & The Scooters doet Jeroen reünie optredens. Zoals tijdens het zeven-dagen durende ‘Vrienden van Amstel Live’ spektakel in Ahoy, een tour op Curaçao, optredens in de Heineken Music Hall, België en tv en radio optredens. Ook Hoeke maakt deel uit van de reünie-band en speelt tevens in de band van Thé Lau.

Toch weer The Scene

Het is 2005 en The Scene lijkt verleden tijd. Thé is op tour met zijn theaterprogramma’s en eigen band. Als de vaste drummer van zijn band een optreden niet blijkt te kunnen, oppert Hoeke, Jeroen als invaller. Thé reageert in eerste instantie verbaasd, maar vindt het bij nader inzien een goed plan. ‘Het was vreemd in te vallen. Toevallig speelde Emilie die avond ook mee. Als vanouds rolde de sound als een blok beton de zaal in. Het voelde meer dan ok’. Ook Thé blijkt te spreken over de korte reünie. Ook volgens Jeroen was het hoofdstuk nog niet afgesloten. Als de twee elkaar tegenkomen tijdens een optreden van De Dijk in Paradiso vraagt Jeroen hem of hij de draad weer wil oppakken. Het gesprek leidt tot een nieuwe samenwerking. In 2007 verschijnt van The Scene de nieuwe de cd: ‘The Scene – 2007’. Een cd die voornamelijk bestaat uit oude nummers die in een nieuw jasje zijn gestoken. Tevens is er een rol weggelegd voor gastmuzikanten als Sarah Bettens (K’s Choice), Pascal Jakobsen (wiens band Bløf ooit begon door het Scene-nummer ‘Zuster’) en Tom Barman van de Belgische band Deus. ‘We maakten de plaat in de hoop optredens te genereren. Wat ook lukte.’ In 2009 volgt het album ‘Liefde op Doorreis en in 2012 ‘Code’. Hoewel de band niet meer zoveel speelt als in de hoogtijdagen wordt er wel veel dynamischer gespeeld. ‘De tijd dat we zo hard speelden dat ik mijn handen stuk sloeg lag ver achter ons. We werden eigenlijk een veel betere band dan vroeger.’

Senioren rockschool

Begin 2013 wordt Jeroen gevraagd of hij zijn jongeren project ook kan organiseren voor senioren. ‘Het is mijn ervaring dat muziek verbroedert en altijd een uitweg biedt. De Senioren Rockschool begon in Amstelveen maar breidde zich al snel uit naar Zaanstad en Heerhugowaard. Mensen kunnen op latere leeftijd soms vereenzamen. De workshop brengt mensen bij elkaar want muziek verbindt.’

Het einde van The Scene

In maart 2014 blijkt Thé Lau ongeneeslijk ziek te zijn. ‘Toen sloeg alles op hol. We besloten nog vier optredens te doen. Voor onszelf om het hoofdstuk af te sluiten maar ook om het publiek de mogelijk te geven afscheid te nemen. Voor mij was het een heel moeilijke periode. Je wist maar nooit wanneer het de laatste keer zou zijn. De laatste keer in de oefenruimte, de laatste keer op het podium… We hebben er samen de schouders onder gezet om de boel zo goed en fair mogelijk af te sluiten.’

The Scene speelt op Pinkpop, in een uitverkochte HMH, de Lotto Arena en de AB in Brussel in België. Er volgen toch nog enkele speciale optredens. Zo staat het televisieprogramma RTL Late Night een avond lang in het teken van The Scene en Thé Lau. Booy speelt live op het Leidseplein met o.a. Barry Hay (Golden Earring), Tom Barman en Pascal Jakobsen  (Bløf ). Op 3 juli 2014 opent The Scene middels een verrassingsoptreden het nieuwe pop podium Tivoli te Utrecht waarbij ook Koning Willem Alexander als eregast  aanwezig is. Op 25 maart werkt de band mee aan het programma ‘Op volle Toeren’ van Ali B. Het zal hun allerlaatste optreden zijn. Thé Lau overlijdt op 23 juni 2015 op 62 jarige leeftijd. The Scene is niet meer.

Jeroen Booy Rockschool

‘Een muzikant moet spelen’, zegt Jeroen gezeten in zijn studio in Wormerveer. ‘Ik heb een hoop mooie dingen mogen meemaken. Ook minder mooie. Maar ik ben voor beide dankbaar. The Scene heb ik altijd als familie beschouwt. Die tijd zal ik altijd met me meedragen. In mijn ouderlijk huis in Krommenie  werd ik ooit gegrepen door de gitaar van mijn moeder en die passie is nooit meer over gegaan. Het gevoel dat ik zelf iets kon creëren heeft voor mij alles veranderd en mij een doel gegeven. Ik ben gestart met de ‘Jeroen Booy Rockschool’ mede om die passie door te geven. Ik heb mijn eigen opnamestudio, rij artiesten door het land, ben de jamsessies opnieuw gestart, begeleid jonge talenten en heb mijn eigen PA-verhuurbedrijf. De muziek is en blijft mijn drijfveer. Het voelt goed het stokje door te kunnen geven aan anderen. Je bent nooit te oud om samen op het podium te staan en het gevoel van muziek maken te ervaren. Daar draait het om. Als je ergens in gelooft dan bereik je het ook.’

The Scene